Historie
Zandvletters en waterschuiten
Al in de 17e eeuw assisteren zandvletters en Marker waterschuiten het scheepvaartverkeer aan de kust en de toenmalige Zuiderzee, het huidige IJsselmeer. Zij zijn actief in het overslaan van de lading van zeeschepen op kleinere binnenvaartschepen. Verder voorzien de waterschuiten uitgaande zeilschepen van proviand en drinkwater voor een soms maandenlange zeereis.



Van Texel naar IJmuiden
Als in 1825 het Noordhollandsch Kanaal tussen Amsterdam en Den Helder is gegraven, laten de sloeplieden zich gelden. Haringvissers uit Den Helder en Oude Schild (Texel) varen met hun sloepen zeeschepen tegemoet om te assisteren en de communicatie met de wal te verzorgen. Deze sloeplieden zijn de pioniers van het huidige vletterwezen. Een aantal van hen verenigt zich in de Gouden Ploeg die contracten met scheepvaartondernemingen afsluit.

Concurrentiestrijd tussen vletterlieden
Als in 1876 het Noordzeekanaal en de sluizen gereed komen, verplaatst het scheepvaartverkeer zich naar IJmuiden. De Gouden Ploeg gaat mee om de contracten voort te zetten, maar krijgt al snel concurrentie van de Koperen Ploeg van Gerrit van der Wiele. De jaren die volgen kenmerken zich door een harde strijd tussen allerlei groepen van vletterlieden, die elkaar op de meest creatieve manieren de loef proberen af te steken.

Samenwerken in CoŲperatieve Vereniging van Vletterlieden (CVV)
Na de Tweede Wereldoorlog zijn veel vletterlieden de onderlinge concurrentie zat. Leden van de Gouden Ploeg, de Koperen Ploeg en de Bootlieden Vereniging IJmuiden willen met elkaar gaan samenwerken. De samenwerking wordt op 30 november 1945 bezegeld met de officiŽle oprichting van de CVV.